MIJN KNIEEN (Klik op de titel en u ontvangt een prettiger versie)
Het schijnt dat ik mooie knieën heb.Van die ronde stevige sensuele knieën.Dat zei de man altijd waar ik in een ander verleden lang iets mee heb gehad. Een verleden waar ik vaak over zwijg. Als ik dat niet doe dan druipt er alleen maar rottigheid en verdriet naar voren...
Anyway, die man lag dan tussen mijn benen, pakte mijn knieën beet en fluisterde hees hoe mooi ze wel niet waren.
Soms kermde hij zelfs:
‘Je hebt verrukkelijke knieën!'
En wreef vervolgens zijn handen er behendig over.
‘De beste!'
Ik zelf zag dat anders. Het voelde natuurlijk wel zo dat ik de beste knieën van de wereld had.
Hij overtuigde me...
Dan keek ik naar mijn knieën en probeerde te zien wat hij ook zag.
Maar het lukt me niet. Dat komt door de andere positie. Hoe ik me ook op vouwde of in andere standen trok.
Alleen die ene, dat ik mijn knieën vlakbij mijn gezicht legde, komt nog het meest overeen wat de ander zag, maar dan anders.
In de spiegel gebeurd hetzelfde. Daar ontstaat ook een vervreemde situatie en accepteer ik het maar dat ik als enige in zo'n unieke situatie verkeer. Nooit zal ik mijn knieën zien zoals ze zijn.
Buiten dat ben ik natuurlijk behoorlijk blij met mijn knieën. Ze hebben al heel wat doorstaan. Dat begon al toen ze jong waren.
Al die kiezels die ik uit ze heb moeten plukken en schaaf wonden die ontstonden door hard vallen. Al die druppels bloed die zich uit mijn knie wonden lieten persen. Als kind keek ik er naar en voelde het rode vocht langs mijn benen glijden. Ik wende er maar niet aan dat het rode spul, dat bloed, uit mijn lijf kwam. En dat gevoel is nimmer overgegaan.
Op sommige gebieden zal ik nimmer wennen wat er in mijn lijf gebeurd..
Als ik er lang aan denk ervaar ik mezelf al gauw als een grote vibrerende jelly pudding -achtige- aan -een-schakeleling van cel delingen die de DNA structuur voortplant of een poging daartoe doet en ik op een dag als schimmelsoort zal verdwijnen.
Mijn knieën hebben me echter , in dit unieke project, op meesterlijke wijze geholpen en bij gestaan.
Hoe vaak heb ik mijn been scharnieren niet bewogen en belast met al mijn dagelijkse gedans en gespring?
Hoe vaak heb ik niet op mijn knieën gekropen op de grond en onder kasten enzo naar weggerolde knoopjes, knikkers en andersoortig spul gezocht?
Hoe vaak heb ik niet stil gestaan bij het feit dat ik in een lichaam woon, zij een onderdeel van mij is en mijn knieën daar behoorlijk bijhoren.
Het is zelfs zo erg dat ik zonder mijn knieën nu echt niet diegene zou zijn die ik ben. En in nood, als de nood echt hoog is kan ik nog altijd op mijn knieën vallen en smeken dat iets stopt of op houd.
Nou, als dat geen lief hulpmiddel is, dan weet ik het ook niet meer.
Knieën.
Je hebt ze.
Of je hebt ze niet...